Bij een waterontharder verdwijnt de kalk niet zomaar in het niets: de kalk wordt uit het water gehaald en via het afvoerwater afgevoerd naar het riool. Dat gebeurt tijdens een proces dat regeneratie heet, waarbij zout een sleutelrol speelt. Hieronder leggen we stap voor stap uit hoe dat precies werkt.

Hoe de waterontharder kalk uit het water haalt

Kraanwater bevat kalk in de vorm van opgeloste mineralen, met name calcium en magnesium. Een waterontharder bevat een houder vol kleine kunstharskorrels, ook wel ionenwisselaars genoemd. Als hard water langs deze korrels stroomt, wisselen de korrels hun natriumionen uit tegen de calcium- en magnesiumionen uit het water. Het water dat eruit komt is daardoor zacht, omdat de “harde” mineralen zijn achtergebleven op de harskorrels.

De harskorrels raken na verloop van tijd vol met calcium en magnesium. Op dat moment is de ontharder verzadigd en werkt hij niet meer effectief. Dan is regeneratie nodig.

Waar blijft de kalk bij een waterontharder: de regeneratie

Tijdens de regeneratie spoelt de waterontharder de harskorrels schoon met pekelwater, een sterk zoutoplossing gemaakt van regeneratiezout (natriumchloride) en water. De natriumionen uit het zout verdringen de vastgehouden calcium- en magnesiumionen van de korrels. Zo worden de harskorrels gereset en klaar gemaakt voor de volgende ronde.

Het afvalwater dat overblijft na deze spoeling bevat de losgeweekte calcium- en magnesiumionen, plus overtollig zout. Dit spoelwater wordt direct afgevoerd naar de riolering. Dat is dus het concrete antwoord: de kalk verlaat de waterontharder via het afvoerwater en belandt uiteindelijk in het riool, samen met het regeneratiezout.

Gaat er veel water verloren bij dit proces?

Regeneratie kost water. Moderne waterontharders zijn zuiniger dan oudere modellen, maar er gaat bij elke regeneratiecyclus altijd een hoeveelheid water verloren. Hoe vaak een ontharder regenereert, hangt af van het watergebruik in huis en de hardheid van het plaatselijke kraanwater. In gebieden met zeer hard water is vaker regenereren nodig, wat meer spoelwater oplevert.

De hoeveelheid spoelwater varieert per apparaat en instelling. Een goed ingestelde ontharder regenereert alleen wanneer dat nodig is, zodat er niet onnodig water en zout wordt verbruikt. Laat je ontharder daarom instellen door een monteur op basis van jouw waterverbruik en de lokale waterhardheid.

Is het afvoerwater schadelijk voor het riool?

Het spoelwater bevat relatief veel zout en calcium. In de meeste gemeenten in Nederland is het toegestaan om dit water op het riool te lozen, omdat rioolwaterzuiveringsinstallaties dit kunnen verwerken. Toch is het verstandig om bij jouw gemeente of het waterschap te controleren of er lokale regels gelden, want in sommige regio’s zijn strengere eisen van kracht voor de zoutbelasting van het rioolwater.

Blijft er kalk achter in de ontharder zelf?

Normaal gesproken niet, als de ontharder goed functioneert. De harskorrels worden bij elke regeneratiecyclus vrijgemaakt van kalk. Als het zoutniveau in het zoutreservoir te laag raakt, werkt de regeneratie minder goed en kan er geleidelijk kalk op de korrels achterblijven. Dat is een van de redenen waarom het bijvullen van regeneratiezout zo belangrijk is: zonder voldoende zout kan de ontharder de kalk niet meer goed afvoeren en verliest hij zijn werking.

Kort samengevat: de kalk gaat bij een waterontharder niet in het apparaat zitten, maar verlaat het systeem via het spoelwater tijdens de regeneratie. Zorg dus voor een goed ingestelde ontharder en voldoende zout, dan doet het apparaat zijn werk en verdwijnt de kalk netjes via het riool.